Links

Rijksoverheid.nl omarmt moderne standaarden en technieken.
Uw webbrowser (Microsoft IE6) ondersteunt deze standaarden niet. Stap daarom over op een recente browser.

Wat is speciaal onderwijs?

Speciaal onderwijs is onderwijs voor kinderen met een handicap, chronische ziekte of stoornis. Deze kinderen krijgen in het speciaal onderwijs meer aandacht en ondersteuning dan in het gewone onderwijs.

Clusters speciaal onderwijs

Speciaal onderwijs bestaat uit 4 clusters:

  • Cluster 1: blinde, slechtziende kinderen

    Dit zijn scholen voor visueel gehandicapte kinderen of meervoudig gehandicapte kinderen die slechtziend of blind zijn. De meeste van deze kinderen gaan met speciale begeleiding naar het gewone onderwijs. De overige bezoeken speciale scholen.

  • Cluster 2: dove, slechthorende kinderen

    Cluster 2 bestaat uit scholen voor dove en slechthorende kinderen en voor kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden of taalmoeilijkheden. De scholen zijn er ook voor kinderen met communicatieve problemen, zoals bij bepaalde vormen van autisme.

  • Cluster 3: gehandicapte en langdurig zieke kinderen

    Dit zijn scholen voor leerlingen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen. En voor langdurig zieke kinderen en leerlingen met epilepsie.

  • Cluster 4: kinderen met stoornissen en gedragsproblemen

    Dit cluster bestaat uit scholen voor kinderen met psychiatrische stoornissen of ernstige gedragsproblemen. Ook scholen die verbonden zijn aan pedologische (kinderkundige) instituten vallen onder dit cluster.

Voortgezet speciaal onderwijs

Leerlingen in het speciaal onderwijs gaan meestal na hun 12e naar het voortgezet speciaal onderwijs. Hier kunnen ze blijven tot hun 20e verjaardag. Het voortgezet speciaal onderwijs werkt met dezelfde clusters.

Speciaal basisonderwijs

Naast het speciaal onderwijs is er het speciaal basisonderwijs. Speciale basisscholen zijn bedoeld voor:

  • moeilijk lerende kinderen;
  • kinderen met opvoedingsmoeilijkheden;
  • alle andere kinderen die speciale ondersteuning en aandacht nodig hebben.

Deze scholen hebben dezelfde kerndoelen als gewone basisscholen, maar de leerlingen krijgen meer tijd om deze te bereiken. De scholen hebben kleinere groepen en meer deskundigen. Leerlingen kunnen tot hun 14e jaar op een school voor speciaal basisonderwijs terecht.

Na het speciaal basisonderwijs gaan leerlingen naar het vmbo, het praktijkonderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs.